In Nederland hebben ruim 3 miljoen mensen een rechtsbijstandsverzekering. Daarmee hebben de verzekeraars een grote markt en worden er jaarlijks miljoenen aan premies geïncasseerd. De voorlichting van de verzekerde over zijn rechten binnen de verzekeringspolis laat echter vaak te wensen over.

De directeur van een bedrijf, waarvoor ik als huisadvocaat optreed, had een privé-geschil, waarvoor hij een rechtsbijstandsverzekering had afgesloten. Via de verzekeraar kwam hij terecht bij een advocaat. Het belang van de zaak was ongeveer €20.000. Nadat de advocaat de zaak had bestudeerd, schreef hij een conceptbrief aan de advocaat van de wederpartij, waarin kort gezegd het voorstel werd gedaan om de zaak te schikken voor €10.000. Was dit voorstel het resultaat van “verwachtingsmanagement”?
Ik kan als advocaat natuurlijk niet in de details van deze zaak treden, maar cliënt had bewijsbaar gelijk en zijn schade van €20.000 was ook zonder twijfel een vaststaand gegeven. Dan is er in mijn optiek geen enkele reden om de zaak te schikken voor maar liefst vijftig procent van de legitieme aanspraak van cliënt.
Overigens, deze cliënt werd niet geïnformeerd over het feit dat hij ook zijn eigen advocaat had mogen benaderen. Zonder enig overleg bepaalde de verzekeraar dat de zaak werd ondergebracht bij een advocatenkantoor, dat kennelijk (tarief)afspraken had met deze rechtsbijstandsverzekeraar. Ook dit is niet correct.

Tros Radar

Het tv-programma Tros Radar legde vorig jaar een misstand bloot binnen de wereld van rechtsbijstandsverzekeraars. Een grote speler in deze markt blijkt de aangemelde zaken, in een hoeveelheid van ca. 20 tot 30 zaken per maand, onder te brengen bij juridische ZZP-ers. Deze ontvangen tussen de €375,00 tot €425,00 per zaak, met het advies van de rechtsbijstandsverzekeraar om vooral aan verwachtingsmanagement te doen; “Geef bij de verzekerde aan dat het een lastige kwestie is, dat het zeker geen gewonnen zaak is en dat er ook nog het risico van een proceskostenveroordeling is. Bovendien duren rechtszaken erg lang, vormen zij een psychische belasting en is het al met al dus beter om een minnelijke oplossing (schikking) te bereiken.”

Op die manier wordt de tijdsbesteding aan de zaak in de hand gehouden en daarmee heeft het dossier voor de behandelend ZZP-er ook nog enig rendement.
En ondertussen heeft de verzekerde geen enkele weet van het feit dat hij door een ZZP-er wordt geholpen. Hij belde voor zijn zaak met zijn verzekeringsmaatschappij, en werd keurig doorverbonden met mr. X. Dat deze laatste achter een laptop aan zijn keukentafel zat, kon de verzekerde niet zien. En naast die laptop stond een printer, met een stapel briefpapier van de rechtsbijstandsverzekeraar.

Proceservaring

Uiteraard zou het best zo kunnen zijn dat de jurist, die op deze wijze wordt ingehuurd door een rechtsbijstandsverzekeraar, een perfect juridisch advies geeft en ook een juiste inschatting van de zaak heeft gemaakt.

Maar vaak mist men proceservaring. Een ervaren advocaat die regelmatig procedeert, beoordeelt een zaak niet alleen aan de hand van het materiële recht – heeft mijn cliënt op basis van de wet en jurisprudentie het gelijk aan zijn kant? – maar ook aan de hand van het procesrecht; wat zal mijn cliënt in een procedure moeten stellen, en wat kan hij van die stellingen ook daadwerkelijk bewijzen. De beantwoording op met name deze laatste twee vragen vergt proceservaring. Gelijk hebben en gelijk krijgen zijn twee verschillende grootheden.
Zonder gedegen proceservaring en een gedegen kennis van het procesrecht, kan een juridisch adviseur eigenlijk niet aan ‘verwachtingsmanagement’ doen. Om een afsluitend voorbeeld van deze stelling te geven: Soms kan een cliënt zijn stelling niet bewijzen, eenvoudigweg omdat niet hij, maar zijn wederpartij het bewijs in handen heeft. De rechter zou dan kunnen bepalen, dat het op de weg van de wederpartij ligt om dit bewijs in de procedure te overleggen. Indien de wederpartij hier geen gehoor aangeeft, kan de rechter daar de conclusies aan de verbinden die hij gerade acht.
Hoewel de cliënt dus niet over voldoende bewijsmiddelen beschikt, kan de rechter in dit geval zijn stellingen wel aannemelijk achten en vervolgens zijn vordering toewijzen. Ook rechters gaan soms op hun rechtsgevoel af en proberen een rechtvaardige beslissing te nemen. 

Conclusie

Conclusie van het bovenstaande: heeft u het idee dat u ten onrechte wordt gemanoeuvreerd in de richting van een schikking, vraag dan een second opinion aan bij een ervaren procesadvocaat. En die laatste zou dus ook ons kantoor als uw huisadvocaat kunnen zijn.